In AI bij de Nederlandse overheid stond het overheidsgebruik in algemene zin; hier meten we wat er in het algoritmeregister wordt gemeld. Het landelijke algoritmeregister fungeert als het centrale etalagevenster waar publieke organisaties openheid betuigen over de inzet van automatiseringssystemen en kunstmatige intelligentie.
Om te begrijpen hoe deze praktijk zich ontwikkelt, voeren we een herhaalbare meting uit op de publieke dataset van het register, gecontroleerd op 2026-08-07. Waar de discussie rondom algoritmes lange tijd theoretisch van aard was, biedt de praktijk inmiddels een schat aan concrete data over de organisaties die daadwerkelijk systemen implementeren en publiceren.
Wat er sinds vorige keer veranderde
- De totale omvang van het register is gestegen naar 1.530 actieve registraties afkomstig van 336 unieke overheidsorganisaties.
- Gemeenten vormen inmiddels de overgrote meerderheid van de registraties, waarmee de focus nadrukkelijk is verschoven van de rijksoverheid naar lokale overheden.
- Het aantal registraties met een specifieke markering als hoog-risico AI-systeem is uitgekomen op 41 stuks.
- De publicatiesnelheid is aanzienlijk toegenomen met honderden nieuwe invoeren gedurende de jaren 2025 en de eerste helft van 2026.
- De aandacht voor impacttoetsen en grondrechtenbeoordelingen staat scherper op de agenda door strengere handhaving en bredere maatschappelijke bewustwording.
Methodologie van de meting
Deze analyse is gebaseerd op de openbare dataset zoals deze beschikbaar is gesteld via het Algoritmeregister publieke dataset (CSV). Geïnteresseerden en onderzoekers kunnen dit bestand zelf downloaden en de tellingen verifiëren op basis van de meegeleverde datum. De gehanteerde controledatum voor deze specifieke telling is 2026-08-07.
Het is belangrijk op te merken dat deze cijfers veranderen per publicatie van de netbeheerders en deelnemende instanties; raadpleeg de bron voor de actuele stand. De overheidslaag-breakdown in dit artikel is tot stand gekomen via een eigen classificatie op basis van de organisatienamen in de CSV-export. Hiermee ontstaat een objectief en herhaalbaar beeld van de werkelijke status binnen de Nederlandse publieke sector.
Live telling en omvang van het register
Uit de dataset van 2026-08-07 blijkt dat het register inmiddels een levendige database vormt. De live telling op de hoofdpagina van de website toont de tekst "Vind een van de 1530 algoritmes", wat exact overeenkomt met de som in de gedownloade CSV. Deze registraties zijn afkomstig van 336 unieke organisaties die op vrijwillige basis inzicht geven in hun digitale gereedschapskist.
Wanneer we inzoomen op de operationele status van deze 1.530 systemen, zien we dat veruit de meeste algoritmes daadwerkelijk productief draaien. Liefst 1.392 registraties hebben de status "in gebruik". Daarnaast bevinden zich 73 systemen in de ontwerpfase of in ontwikkeling, terwijl 65 registraties inmiddels buiten gebruik zijn gesteld maar behouden blijven voor historische transparantie en verantwoording.
Wat het register precies registreert
Een registratie in het landelijke algoritmeregister is meer dan een simpele vermelding van een softwarepakket; het is een gestructureerd profiel dat inzicht geeft in de achtergrond en werking van een geautomatiseerd systeem. Wie de openbare dataset induikt, ziet dat elke invoer is opgebouwd uit een vaste set metadata die de verantwoording naar burgers toe waarborgt. Zo vermeldt elke registratie allereerst de verantwoordelijke overheidsorganisatie en de specifieke afdeling, gekoppeld aan de exacte naam van het informatiesysteem of model.
Daarnaast wordt in het register uitvoerig beschreven wat het operationele doel van het systeem is, welke beslissingen het ondersteunt of automatiseert, en wat de juridische of wettelijke rechtsgrond is waarop de inzet is gebaseerd. Ook technische kenmerken, zoals de gebruikte databronnen en de mate van menselijke tussenkomst, worden expliciet benoemd. Om direct te kunnen duiden welke systemen de meeste impact hebben op het leven van burgers, maakt het register onderscheid in impactcategorieën. Binnen de totale dataset van 1.530 systemen zijn er 694 geregistreerd als impactvolle algoritmes, terwijl 795 systemen vallen onder de noemer van overige algoritmes. Binnen deze groep bevindt zich bovendien de specifieke categorie van de 41 hoog-risico AI-systemen, die onder strengere controle vallen vanwege hun ingrijpende aard.
Gemeenten als grootste groep
Een opvallende constatering in deze meting is de dominantie van gemeenten. Waar de Rijksoverheid aan de wieg stond van het initiatief, zijn het nu de lokale overheden die de lijst domineren. De classificatie van de organisaties uit de dataset laat zien dat gemeenten goed zijn voor 955 van de 1.530 registraties, wat neerkomt op ruim 60 procent van het totale aantal. Dit brede lokale enthousiasme contrasteert scherp met de eerdere situatie waarin decentralisatie en traagheid de boventoon voerden. Ter vergelijking: de Rijksoverheid, zelfstandige bestuursorganen (zbo's), agentschappen en inspecties zijn gezamenlijk goed voor 411 registraties (27 procent), terwijl provincies 62 registraties (4 procent), regionale samenwerkingen en stichtingen 80 registraties (5 procent) en waterschappen 22 registraties (2 procent) bijdragen.
Binnen deze lokale lagen springen specifieke koplopers nadrukkelijk in het oog. Zo voert de Gemeente Amsterdam de lijst aan met 70 geregistreerde systemen, op de voet gevolgd door de Belastingdienst met 69 en de Douane met 48. Ook andere grote gemeenten zoals Utrecht (45), Den Haag (44) en Rotterdam (29) leveren een substantiële en herkenbare bijdrage aan de openbaarheid binnen het netwerk. Deze cijfers staan in schril contrast met de historische context die naar voren kwam uit onderzoeken van de toezichthouder: in juli 2025 meldde de Autoriteit Persoonsgegevens nog dat meer dan de helft van alle Nederlandse gemeenten destijds helemaal niets had geregistreerd. De inhaalslag die sindsdien is ingezet, sluit nauw aan bij de bredere analyses over de stand van zaken rondom AI bij de Nederlandse overheid, waarin de transitie van lokaal experiment naar structurele verantwoording uitvoerig wordt geduid.
| Overheidslaag | Aantal registraties | Percentage |
|---|---|---|
| Gemeenten | 955 | 62% |
| Rijk, zbo's, agentschappen en inspecties | 411 | 27% |
| Provincies | 62 | 4% |
| Regionaal, gemeenschappelijk & stichtingen | 80 | 5% |
| Waterschappen | 22 | 2% |
Toezicht en de rol van de AP
De snelle groei van het algoritmeregister staat niet op zichzelf, maar is nauw verbonden met de toenemende druk vanuit het toezichthoudende veld. De Autoriteit Persoonsgegevens (AP) vervult hierin een centrale en coördinerende rol als bewaker van de grondrechten en de privacy van burgers in het digitale domein. Omdat vrijwillige transparantie in de beginjaren van het register leidde tot grote witte vlekken en terughoudendheid bij overheidsorganisaties, riep de AP reeds op 11 juli 2025 op tot een harde wettelijke verplichtstelling van het algoritmeregister voor de gehele publieke sector.
Om overheden op weg te helpen bij het correct inrichten van hun digitale systemen en het tijdig melden daarvan, heeft de toezichthouder concrete handvatten opgesteld. Deze handvatten vormen de rode draad in de vijfde Rapportage AI & Algoritmes Nederland, die eveneens in juli 2025 verscheen. Daarin werd onomwonden gesteld dat de vrijblijvende fase van algoritmetransparantie voorbij moest zijn en dat organisaties proactief verantwoording moesten afleggen over risicovolle toepassingen. Wie zich verder wil verdiepen in de manier waarop deze handhavende kaders zijn ingebed in het landsbestuur, kan terecht bij de achtergrondinformatie over AI-toezicht in Nederland, waar de onderlinge taakverdelingen tussen de verschillende inspecties en de AP helder worden uiteengezet.
Aansluiting bij de AI Act
Het landelijke algoritmeregister opereert niet in een vacuüm, maar zoekt nadrukkelijk aansluiting bij de bredere Europese wetgeving, en in het bijzonder bij de EU AI-verordening (AI Act). Deze Europese wet hanteert een risicogebaseerde benadering waarin artificiële intelligentie wordt opgedeeld in verschillende categorieën, variërend van minimaal risico tot onaanvaardbaar risico. Systemen die door de wet worden aangemerkt als "hoog-risico AI-systeem" – zoals toepassingen voor biometrische identificatie, kritieke infrastructuren of selectieprocessen binnen het sociaal domein – moeten aan strenge eisen voldoen op het gebied van datakwaliteit, menselijk toezicht en transparantie.
Op de controledatum van deze meting is de registratie van algoritmes in het centrale register op nationaal niveau nog grotendeels vrijwillig, hoewel de Rijksoverheid al in december 2022 via een officiële Kamerbrief aankondigde toe te werken naar een wettelijke verplichting voor impactvolle systemen. Daarbij wordt nauw gekeken naar de Uitvoeringswet AI-verordening, waarvan de openbare internetconsultatie liep van 20 april tot en met 1 juni 2026. Omdat de definitieve status en inwerkingtreding per 7 augustus 2026 formeel nog niet zijn geverifieerd, mag niet worden vooruitgelopen op de definitieve rechtskracht van deze wet. Wel fungeert het register alvast als praktijkproef om te voldoen aan de Europese standaarden. Wie de technische en juridische diepgang van deze Europese regels wil begrijpen, kan de hoofdlijnen nalezen in het artikel over de EU AI Act, en voor de technische en kwalitatieve kaders is er aanvullende documentatie te vinden over AI-standaarden en ISO-normering.
Categorisering en hoog-risico systemen
Niet elk geregistreerd systeem heeft dezelfde impact op de burger. Binnen de dataset zijn de registraties opgedeeld in verschillende categorieën. Zo staan er 694 systemen te boek als "impactvolle algoritmes", terwijl 795 registraties worden geclassificeerd als "overige algoritmes". Dit onderscheid helpt burgers en toezichthouders om direct te zien waar de grootste maatschappelijke risico's liggen.
Bijzondere aandacht gaat uit naar de 41 systemen die expliciet zijn aangemerkt als "hoog-risico AI-systeem". Deze zijn onder meer te vinden bij de Politie, het Nederlands Forensisch Instituut, uitvoeringsorganisaties rond asiel en migratie, en bij enkele grote gemeenten. Om te begrijpen hoe dergelijke systemen juridisch en maatschappelijk worden gekaderd, is het raadzaam om de diepgaande analyse over De EU AI Act op hoofdlijnen te raadplegen, waarin de Europese spelregels voor dit type technologie worden uiteengezet.
Publicatiegroei door de jaren heen
De bereidheid onder overheden om informatie te delen is de afgelopen jaren sterk toegenomen. Analyse van de publicatiedatums in de dataset toont een duidelijke versnelling in de adoptie van transparantie over digitalisering:
- 2024: 460 nieuwe registraties toegevoegd aan het openbare register.
- 2025: 739 registraties toegevoegd, een stijging van ruim 61 procent ten opzichte van het voorgaande jaar.
- 2026 (t/m 7 augustus): Al 329 registraties toegevoegd, wat duidt op een aanhoudende stijgende lijn.
Ter historische context meldde de Autoriteit Persoonsgegevens (AP) op 11 juli 2025 dat het register sinds de start begin 2023 de grens van 1.000 registraties was gepasseerd. De groei sindsdien laat zien dat openheid over algoritmes inmiddels een gevestigd onderdeel is van de overheidsoperatie, hoewel er nog aanzienlijke verschillen bestaan tussen de diverse overheidsorganisaties.
De rol van impacttoetsen en grondrechten
Transparantie gaat verder dan louter het vermelden van het bestaan van een algoritme; het vereist ook inzicht in de risico's en de bescherming van de burger. Uit de meting van de dataset blijkt dat bij 439 van de 1.530 registraties (ongeveer 28,7 procent) een DPIA (Data Protection Impact Assessment) is vermeld. Daarnaast is bij 47 registraties een IAMA (mensenrechten-impactassessment) uitgevoerd. Bij 1.050 registraties (68,6 procent) ontbreekt echter een formele vermelding van een impacttoets.
Dit sluit aan bij eerdere bevindingen van de Autoriteit Persoonsgegevens. De AP constateerde in juli 2025 dat destijds bij slechts 5 procent van de registraties een grondrechtenbeoordeling was gedaan, en dat meer dan de helft van de gemeenten en driekwart van de zelfstandige bestuursorganen helemaal niets had geregistreerd. Wie meer wil weten over hoe dergelijke risico's systematisch in kaart worden gebracht, kan terecht bij de handleiding over AI-risicoanalyse en DPIA uitvoeren, waarin de methodologie achter deze impacttoetsen wordt beschreven.
Wettelijke basis en toezicht
Op de controledatum van 7 augustus 2026 is de registratie van algoritmes in het centrale register op nationaal niveau nog grotendeels vrijwillig. De Rijksoverheid werkt echter aan een wettelijke verplichting voor de registratie van impactvolle algoritmes, een koers die in december 2022 in een Kamerbrief werd aangekondigd. Het register zoekt hierbij nadrukkelijk aansluiting bij de definities uit de Europese regelgeving.
De bredere controle op deze ontwikkelingen ligt in handen van coördinerende organen. De AP riep in juli 2025 al op tot een harde verplichtstelling en publiceerde handvatten voor verantwoorde inzet. Wie zich wil verdiepen in de specifieke rol van handhavers, leest meer in het artikel over AI-toezicht in Nederland: welke toezichthouders doen wat, waarin de bevoegdheden van de verschillende inspecties en toezichthouders helder worden afgebakend.
Praktijkvoorbeeld: de opkomst van AI-assistenten
De inhoud van het register verschuift in toenemende mate van traditionele rekensommen en risico-calculatoren naar moderne generatieve toepassingen. Decentrale overheden en regionale omgevingsdiensten integreren in toenemende mate generatieve AI-hulpmiddelen binnen hun dagelijkse werkprocessen, en deze systemen vinden inmiddels ook hun weg naar het openbare register. Een concreet voorbeeld hiervan is de registratie van "Microsoft 365 Copilot" door de Omgevingsdienst Midden-Holland, welke op 3 augustus 2026 van een recente statuswijziging werd voorzien in de database. Op vergelijkbare wijze nam de Gemeente Oss "Microsoft CoPilot" op in het register op 30 juli 2026.
De opname van dit soort generatieve assistenten roept fundamentele vragen op over operationele autonomie, de mate van menselijke controle en de transparantie van AI-gegenereerde output. Ambtenaren en beleidsmakers die experimenteren met dergelijke technologieën en willen begrijpen hoe deze zich verhouden tot de bredere markt, kunnen de technische implicaties nalezen in het artikel over Agentic AI: de verschuiving naar autonome AI-systemen, dat dieper ingaat op de transitie naar zelfstandig handelende software.
Conclusie van de meting
Het algoritmeregister van de Nederlandse overheid laat anno augustus 2026 een volwassen wordende praktijk zien. Met 1.530 registraties en een sterke vertegenwoordiging vanuit gemeenten is de basis voor publieke verantwoording gelegd. Tegelijkertijd tonen de cijfers aan dat er nog grote stappen te zetten zijn op het gebied van kwalitatieve impacttoetsen en volledige dekking door alle overheidslagen.
De komende periode zal moeten uitwijzen of de verwachte wettelijke verplichtingen en de aanscherping van Europese normen zorgen voor een definitieve omslag naar honderd procent transparantie. De gepubliceerde dataset blijft het aangewezen instrument om deze ontwikkeling kritisch en feitelijk te blijven volgen.


